1

Piemonte 24-29 oktober 2017

Dinsdag 24 oktober: het voorspel.

Na een eerste vruchteloze poging stond dit jaar, na de lentetrip naar Toscane, een herfsttrip klaar naar Piemonte. We keken er naar uit. De afspraak was zoals bij alle voorgaande reizen: aankomst voorzien op de eindbestemming - deze keer in het hotel Aria di Langa - iets ten zuiden van Alba, op woensdag 25 oktober. Hoe je er geraakt beslist iedereen zelf. Sommigen toeren al ergens rond met de wagen, anderen kiezen een eigen weg of een ander vervoermiddel. Zes koppels hadden ingeschreven, net voldoende om het hotel te vullen.
De grootste groep had voor de klassieke trip gekozen: eerst een aangename overnachting met prachtig restaurant in Mittelwihr (Elzas) en dan de overtocht van Zwitserland tot de Italiaanse grens (Chiasso) om dan door te rijden naar het zuiden, de eindbestemming te bereiken.

Woensdag 25 oktober: de reis.

Paul en Chris hebben de gewoonte aangenomen om als eersten op de eindbestemming  te geraken … al dan niet met een bijna lege tank. Voor de anderen is het een geruststelling. Je hoeft bij aankomst maar naar het terras te kijken en je ziet ze beiden zitten, genietend van een lekker wijntje. Met hen erbij is het altijd prettig de eindbestemming bereiken, het is een bijna “zet de Bokma klaar” verhaal. Binnen het uur was de groep voltallig en blij met het goede weer dat ons trouwens de rest van de week gezelschap zou houden.
De gesprekken rolden probleemloos over de tafels en het prachtig weer gaf aan de startavond nog een warm en lekker gevoel. De kamers vielen mee en het eerste avondeten mocht er zijn, met sint-jakobsschelpen, vis, vlees, een fris en lekker dessert en prachtige wijn. Enkele uren later waren we meer dan blij om in de armen van Morpheus te vallen.

Donderdag 26 oktober: truffeljacht en Serralunga d’Alba.
Wakker worden in Piemonte als de zon schijnt geeft een zalig gevoel. Het glooiend landschap met duizenden wijnstokken blijft ’s morgens gedeeltelijk bedekt door de nevel. Hier en daar steken enkele toppen uit boven het zacht en wit tapijt dat de Nebbiolo druif nog in de greep houdt, (la nebbia = de nevel, heeft de naam aan de druif gegeven).
Na een lekker en deugddoend ontbijt wisten we wat er ons te wachten stond. Een vrij vroeg vertrek met onze bus naar Alba, een mooie, weliswaar niet te grote stad in Piemonte op enkele kilometers van ons hotel, dat zelf op een heuveltop lag, in het klein dorpje met de mooie naam  Montelupo Albese .
Maar nu eerst de langverwachte truffeljacht. Tiny had ons van tevoren gevraagd sportieve schoenen aan te doen aangezien het evenement in een bos zou gebeuren en de paden modderig konden zijn. We waren dus alle tien degelijk uitgerust en vooral nieuwsgierig.
Na een korte rit buiten de stad hadden we ons doel al bereikt: de echte truffeljager was een sympathieke Italiaan en het diertje van dienst bleek een jong vierpotig teefje te zijn genaamd Kelly, en weg waren we. Het viel allemaal best mee, door de aanhoudende droogte van de laatste maanden leek de doortocht in het bos meer op een wandeling in het park en bleek Kelly, nochtans een hondje in opleiding, best op de hoogte van wat haar te doen stond.
Na een vrij korte tijd had het lief beestje reeds drie keer een magische truffel uit de grond gehaald. Aan dat tempo waren we allemaal al aan het overwegen om van job te veranderen.
U moet weten, beste lezer, dat de fameuze “tartufo bianco” diezelfde dag in Alba rond 6.000 euro de kilo werd verkocht; de zwarte, die iets minder sterk geurt, kan u al kopen aan de spotprijs van 600 euro, maar daar trekt een echte “connaisseur” waarschijnlijk zijn neus voor op.

Over de jagerskwaliteiten van Kelly hadden we toch ook wat vragen, want toen we, tijdens het zoeken, een ‘indringer’ met een ander hondje in de nabijheid zagen was onze gids er als de kippen bij om die man diets te maken dat hij op zijn grondgebied aan het zoeken was. Het was dus niet “no dogs allowed” maar het rook er wel naar. Hij had waarschijnlijk zijn lekker goedje enkele uren eerder in de grond verstopt en wou het risico niet lopen om het te verliezen. Italianen weten wat ze doen en willen de toeristen zeker niet met lege handen naar huis sturen. Dit onverwacht voorval maakte het geheel nog aangenamer en de groep kon er maar om lachen. We hadden toch geproefd, gesnoven en konden met een beetje verbeelding met een mooi verhaal thuiskomen.

Het werd tijd om onze ervaringen met de “Tartufi” op te bergen en een tweetal werken van barmhartigheid aan te snijden: in het bijzonder de eerste twee, in onze volgorde eerst de dorstigen laven en dan de hongerigen spijzen. Een zeer gezellig restaurant stond ons op te wachten in Serralunga d’Alba, niet ver van het kasteel dat we in de latere namiddag zouden bezoeken. We kregen een mooie ruimte op de eerste verdieping.

Wat daarop volgde mocht er ook zijn: het bezoek aan het prachtig Castello di Serralunga d'Alba, opgefleurd door de kennis van een zeer gedreven gids, die geen enkel detail van de geschiedenis voorbij liet gaan, hoe verschrikkelijk en wreedaardig die ook was.

Terug in het hotel werd ons wat tijd gegund om daarna, opgefrist en paraat, het aperitivo en de “cena al tartufo bianco” aan te vatten. De cena was andermaal prima, de lekkere gerechten volgden elkaar op met de nodige wijnbegeleiding.
De hoeveelheid tartufo bianco die wij hadden besteld, had men beter over 2 schotels verdeeld, maar ja nessuno è perfetto. Dat iedereen daarna wat vermoeid maar zeer tevreden tussen de lakens kroop, zal de lezer noch verbazen noch tegenspreken.

Vrijdag 27 oktober: degustatie bij een oude bekende en rondgang in Alba met gids.
De reisleiders hadden een deel van het programma geheim gehouden. We wisten wel dat we een wijnboer zouden ontmoeten maar voor de rest was het gissen geblazen … en de ene gist al wat beter dan de andere.
De dag begon met een onbekende verplaatsing maar het werd duidelijk dat het wijnhuis in Barbaresco lag en daardoor kreeg ik een flauw vermoeden dat we misschien wel bij een oude bekende zouden terechtkomen en zo geschiedde: we reden de Strada Rabajà binnen en werden afgezet bij Giuseppe Cortese. Bij de wijnen, die best meevielen, noteerde ik een lekkere Langhe Chardonnay Scapulin, een goede Barbera d’Alba Morassina en de niet te missen Barbaresco Rabajà.  

We werden iets na de middag verwacht in het prachtig en lekker Ristorante “Rabajà”. De meubels, de tafels, alles was verzorgd tot in de kleinste details. De keuken was heel fijn en werd netjes opgediend, met een weliswaar klassieke maar zeer fijne vitello tonnato, gevolgd door een tartaar van manzo, ook een schoteltje met tartufo kwam erbij te pas en dat alles overgoten met een prachtige Barbera, Conca Tre Pile, van bij Aldo Conterno.  Een heerlijk adres! Een totaal andere stijl dan de dag voordien maar ook hier was het meer dan lekker.

Terug naar Alba. Er wachtte ons een gids op in het centrum om ons wat meer te laten zien van een weliswaar niet zo grote stad maar toch de moeite om er een half dagje aan te besteden. Goede gidsen zijn in Italië legio en de dame van dienst was zeker geen uitzondering op deze regel. Ze weten perfect hoe ze toeristen moeten bespelen: de bezoekers willen meestal iets  horen over de architectuur en die is alomtegenwoordig, kerken op kop.
Ook de geschiedenis van de stad met meestal de daarbij horende, al dan niet gewapende conflicten, blijft altijd boeiend en dan nog de eigenheid van de regio op gastronomisch gebied, al dan niet gepaard met een degustatie van producten, spreekt iedereen aan. 
Een kleine stad zoals Alba heeft daar alle antwoorden voor. Alle eer aan de gidsen dus want die halen juist naar boven wat aan het oog van menig toerist voorbijgaat. Een mooie namiddag en dat bij een temperatuur die niet onder de twintig graden schuift eind oktober. Viva la Bella!!

Terug naar het hotel om wat uit te rusten en ons voor te bereiden op het klassiek avondpatroon: apero en diner. Il capo Marc(o) had het zo met enkele bekende wijnproducenten geregeld dat wij genoeg !! topwijnen hadden om tijdens de cena (diner) te nuttigen. We lieten het allesbehalve aan ons geliefd en gekoesterd hartje komen.

Zaterdag 28 oktober: een echte nieuwe wijnboer en een stadje in de ban van de tartufo.
Vandaag zouden we een echte nieuwe wijnmaker bezoeken. Als je iets of wat onze reisleiders kent, dan weet je dat het laatste wijnbezoek meestal de beste wijnen naar voren brengt en dat zal later in de voormiddag bewaarheid worden. We vertrokken dus vol nieuwsgierige spanning  (al hadden sommigen al enkele wijnhuizen in petto ...). Serralunga  d’Alba is niet ver en we stopten aan de Località Cerretta bij Ettore Germano, samen met nog een paar groepen die het geheel van het bezoek toch een internationaal cachet gaven. 

De meest actuele geschiedenis van de familie begint bij de overgrootvader, “de bisnonno”, zoals de Italianen dat zo mooi zeggen, van huidige beheerder Sergio. Tussen die twee kwamen nog eerst Alberto en Ettore, de papa, wiens voornaam geankerd bleef aan het bedrijf.
Hun geschiedenis is steeds gepaard gegaan met het zoeken naar stukjes grond om hun domein uit te breiden en een grote diversiteit te bereiken in hun aanbod. Zo kunnen ze witte wijn op hun specifieke grond in Cigliè laten rijpen.
De percelen van Lazzarito werden overgenomen via de bisnonno aan moederskant, daar maken ze nu hun paradepaardje, de Barolo Lazzarito Riserva, een juweeltje!  Daartussen kan je van alles proeven met, naast de klassieke Nebbiolo, Barbera en Dolcetto, een resem onverwachte druiven waaronder Merlot en Riesling … “Renano” om voor deze laatste de link met de gelijknamige Duitse druif te benadrukken. Sergio, een grote en aimabele man, weet waarmee hij bezig is. Hij gelooft vast in zijn zienswijze wat wijn maken betreft maar luistert gewillig naar zijn klanten en weet hun opmerkingen naar waarde te schatten.
Op het terras van het nieuwe gebouw kan je de omgeving bewonderen en daarna de degustatieruimte betreden die door het gebruik van glas in volle licht schittert. We zijn ver van de donkere “caveau”, hier geeft uw glas de juiste kleur van de wijn door. Sergio laat ons alles proeven, zelfs de flessen waarvan de prijzen flirten met 3 cijfers, en blijft in onze omgeving met precieze uitleg en zijn visie over wijn maken. Een mooie degustatie, bij de betere die we de laatste jaren hebben kunnen meemaken.
Zeker eens binnenspringen als je in Serralunga vertoeft!

Lunchtime!
Dit zou dan de laatste lunch worden van ons gezamenlijk verblijf. Vraag me niet naar het juiste adres want iedereen diende een beetje te zoeken en toen we er bijna waren hadden we nog een redelijke steile klim met ons busje te overwinnen om het restaurant te bereiken.
Klop je dan nog eerst aan de verkeerde deur aan, dan denk je dat je fout bent of het restaurant gesloten is, maar gelukkig bracht een laatste inspectie ons op de juiste plek.
We waren bij de eersten, wat resulteerde in een mooie tafel aan het venster.

Het restaurant liep inmiddels goed vol met vele groepen, families met kinderen en gezellige jeugdgroepen. De chef had dit goed bekeken door zijn enig menu aan te bevelen, wat voor groepen zoals de onze veruit de beste oplossing was. De goede sfeer in de groep was steeds aanwezig.

Als afsluiter hadden we nog een “vrije” wandeling van een paar uren in Alba waarbij zeker een bezoek aan de “Fiera Internazionale del Tartufo Bianco d’Alba”, op een andere plaats voorkomend onder de naam “Mercato Mondiale del Tartufo Bianco d’Alba”  - we zijn in Italië - was aangeraden. Enfin, zeker de moeite waard om eens binnen te gaan kijken. Een voedingsbeurs gericht op al wat lekker is, met de truffel in het centrum van de belangstelling, maar ook tal van noten en kaassoorten, met of zonder tartufo, de lekkere funghi porcini, al dan niet gedroogd en zo verder. We verlieten Alba met een tevreden en voldaan gevoel.

Zondag 28 oktober: naspel. Terug naar Mittelwihr (toch voor de meesten).
Na het ontbijt en de kusjes tot weerzien, op het moment dat ik de kamer met de eerste koffer verliet, zagen Paul en Chris hoogstwaarschijnlijk de kerktoren van Montelupo Albese via de achterruit van hun auto al verdwijnen.
Alles was in orde, de ontvangst in Mittelwihr verzekerd. Let‘s go! Maar eerst nog een hug aan zij die niet in die richting vertrokken.

Aangekomen in Mittelwihr hoorden wij dat Marc en Tiny ook op komst waren en wisten we dat er zich nog een mooie avond profileerde. Het werd inderdaad weer heel lekker in de Auberge “Le Bouc Bleu”. Naast het steeds uitstekend eten waren ook goede wijnen present, allemaal uit “La douce France”: een prima Cahors die aan de Malbec druif zijn volle smaak gaf, en aan een aanvaardbare prijs. Daarna, om de avond en de reis definitief af te sluiten, wou Marc nog een paar flessen ter ere van zijn jarige dame met ons kraken … on n’a pas dit non. 

Nog eens bedankt, Marc en Tiny, voor de mooie organisatie.

Ciao a tutti,
Norberto

Voor meer informatie zie ook: www.clubitalia.eu, e-mail info@clubitalia.eu.

Gerelateerd